ostraka
ostraka
Forensenbelasting

WAT IS FORENSENBELASTING?

Forensenbelasting kan door een gemeente worden geheven van personen die op meer dan negentig dagen in een jaar voor zichzelf of voor hun gezin een gemeubileerde woning tot hun beschikking hebben, zonder dat zij in die gemeente hoofdverblijf hebben (woonforensenbelasting). De wettelijke grondslag voor deze heffing is artikel 223 Gemeentewet. De forensenbelasting moet verder worden uitgewerkt in de gemeentelijke forensenbelastingverordening.

De forensenbelasting heeft als doel om niet-inwoners te laten bijdragen aan de inkomsten van de gemeente, omdat zij van de algemene voorzieningen van de gemeente profiteren. De opbrengst van de heffing behoort tot de algemene middelen van de gemeente. De gemeenteraad is dus vrij om te kiezen waaraan de opbrengst wordt besteed. In 2016 is de gezamenlijke opbrengst voor alle gemeenten tezamen € 30 miljoen.

De forensenbelasting moet jaarlijks worden betaald boven op de andere belastingen die ook door inwoners verschuldigd zijn, zoals OZB (Hof Den Bosch 20 mei 2016) afvalstoffenheffing en rioolheffing (Hof Den Haag 23 november 2011).

WAT IS EEN GEMEUBILEERDE WONING?

In het kader van de forensenbelasting is niet van belang of hetgeen dat als woning dient een roerende of een onroerende zaak is. De aanwezige voorzieningen spelen een veel belangrijkere rol om te bepalen of er sprake is van een "gemeubileerde woning". Volgens de rechtspraak moet het gaan om een aantal voorzieningen die in de meest eenvoudige woning niet mogen ontbreken, zoals kookgelegenheid, toilet, wasgelegenheid, aansluiting op nutsvoorzieningen en aansluiting op de riolering.

Het gaat dus niet alleen om een tweede woning, vakantiehuis of chalet. Voor de forensenbelasting kan ook bij een woonboot of stacaravan sprake zijn van een "gemeubileerde woning". Ostraka belastingadviseurs beoordeelt graag voor u of voldaan is aan de eisen volgens de rechtspraak.

WANNEER IS SPRAKE VAN HOOFDVERBLIJF?

Forensenbelasting hoeft u alleen te betalen als u niet uw hoofdverblijf heeft in de gemeente waarin de "gemeubileerde woning" is gelegen. Waar uw hoofdverblijf is, wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Om te bepalen of u in de gemeente wel of geen hoofdverblijf heeft, is inschrijving als ingezetene van de gemeente in de Basisregistratie Personen (vroeger: GBA) daarom niet altijd doorslaggevend. Wij beoordelen voor u of de heffingsambtenaar terecht tot de conclusie komt dat uw hoofdverblijf in een andere gemeente ligt en dienen eventueel voor u een bezwaarschrift in.

Als u in de gemeente hoofdverblijf heeft, dan kan van u geen forensenbelasting worden geheven. Dit doet zich bijvoorbeeld voor als – al dan niet rechtmatig – een recreatiewoning permanent wordt bewoond.

WIE BETAALT FORENSENBELASTING?

Via de forensenbelastingverordening bepaalt de gemeenteraad wie belastingplichtig is voor de forensenbelasting. Alleen een natuurlijk persoon kan als belastingplichtige voor de forensenbelasting worden aangemerkt. Als een recreatiewoning op naam staat van een rechtspersoon is het in bepaalde gevallen mogelijk dat geen forensenbelasting kan worden geheven (echter anders: Hof Den Haag 3 januari 2012). Ostraka belastingadviseurs licht u graag in over de mogelijkheden.

HOOGTE FORENSENBELASTING

Het forensenbelastingtarief wordt per gemeente bepaald door de gemeenteraad. Daardoor komen er grote verschillen voor tussen gemeenten onderling. Er kan bijvoorbeeld worden geheven met een vast tarief per "gemeubileerde woning", een tarief gebaseerd op de oppervlakte of naar een percentage van de WOZ-waarde (Hof Den Bosch 20 mei 2016).



90 DAGEN BESCHIKBAAR

Bij de forensenbelasting gaat het er niet om of u de "gemeubileerde woning" meer dan negentig dagen gebruikt. Relevant is of u de "gemeubileerde woning" meer dan negentig dagen voor uzelf of uw gezin beschikbaar heeft gehouden en dus had kunnen gebruiken. Niet vereist is dat de negentig dagen een aaneengesloten periode zijn. Het gaat om het aantal dagen gezien over het hele belastingjaar.

Vaststelling of u de "gemeubileerde woning" voor meer dan negentig dagen tot uw beschikking had, kan complex zijn. Dagen gedurende het jaar waarop de "gemeubileerde woning" niet bruikbaar is, tellen niet mee. Dagen waarop de "gemeubileerde woning" is bestemd voor verhuur aan derden tellen ook niet mee. Afhankelijk van de wijze waarop u de "gemeubileerde woning" verhuurt (verhuurbemiddelingsovereenkomst) en hoe u de "gemeubileerde woning" zelf gebruikt, tellen de dagen waarop u de "gemeubileerde woning" niet heeft verhuurd wel of niet mee (Hoge Raad 22 december 2006) en Hoge Raad 6 februari 2015). Wij beoordelen uw huidige situatie en zijn u graag behulpzaam bij een eventuele andere vormgeving van de overeenkomsten.

Als u samen met vier of meer andere personen eigenaar bent van een "gemeubileerde woning", dan is het vaak mogelijk om dit zo vorm te geven dat niet wordt voldaan aan de 90-dagen-eis en dat heffing van forensenbelasting zo kan worden voorkomen.

Let op dat als u in het buitenland werkt en feitelijk nooit negentig dagen in de woning kan verblijven, de "gemeubileerde woning" toch voor meer dan negentig dagen kan worden geacht beschikbaar te zijn gehouden (Hof Amsterdam 1 oktober 2015).

WANNEER KAN EEN AANSLAG WORDEN OPGELEGD?

In principe kan een aanslag forensenbelasting pas worden opgelegd na afloop van het belastingjaar. In de belastingverordening kan echter zijn bepaald dat de aanslag al kan worden opgelegd vanaf het moment dat voldaan is aan de 90-dagen-eis. Vanaf dat moment heeft de heffingsambtenaar dan maximaal drie jaren de tijd om de aanslag op te leggen.

Als de aanslag is opgelegd voor het einde van het belastingjaar, dan heeft dat wel tot gevolg dat bij de beoordeling van de 90-dagen-eis buiten beschouwing blijven de dagen na het moment van de aanslagoplegging.

BEZWAAR OF BEROEP INSTELLEN?

Als u het niet eens bent met de aanslag forensenbelasting, dan moet binnen zes weken na de dagtekening van het aanslagbiljet bezwaar worden gemaakt bij de heffingsambtenaar van de gemeente of het belastingsamenwerkingsverband die de aanslag aan u heeft opgelegd. Let op dat het maken van bezwaar niet automatisch betekent dat uitstel van betaling wordt verleend.

Als u het niet eens bent met de uitspraak op uw bezwaar tegen de aanslag forensenbelasting, dan kan beroep worden ingesteld bij de rechtbank. Dit moet u dan doen binnen zes weken na de dagtekening van de uitspraak op bezwaar.

MEER WETEN? NEEM CONTACT OP

Speelt een van deze punten betreffende de forensenbelasting ook bij u en wilt u daarover meer weten? Neem contact op met Ostraka belastingadviseurs voor een vrijblijvende kennismaking.

VERSCHIL MET DE TOERISTENBELASTING

Tussen de forensenbelasting en de (toeristenbelasting bestaan overeenkomsten, maar ook grote verschillen. Forensenbelasting kan alleen worden geheven van een natuurlijk persoon, terwijl toeristenbelasting ook kan worden geheven van een rechtspersoon. Forensenbelasting kan worden geheven van iemand die maar één dag feitelijk gebruik maakt van de "gemeubileerde woning" en daarnaast minimaal 90 dagen daarvan gebruik zou kunnen maken; toeristenbelasting wordt alleen geheven ter zake van het feitelijke verblijf. De hoogte van de forensenbelasting is niet afhankelijk van de omvang van het gebruik; de heffing van toeristenbelasting moet zich echter richten naar het werkelijke verblijf. Forensenbelasting kan alleen worden geheven van degene aan wie de "gemeubileerde woning" ter beschikking staat; toeristenbelasting kan worden geheven van de verblijfhouder of van de verblijfbieder.

Om samenloop tussen de forensenbelasting en de toeristenbelasting te voorkomen wordt vaak in de toeristenbelastingverordening geregeld dat geen toeristenbelasting hoeft te worden betaald als ter zake van hetzelfde verblijf ook forensenbelasting moet worden betaald.

Ostraka belastingadviseurs BV  •  Postbus 44   •   4284 ZG   RIJSWIJK N-Br.   •   T 0183-76 05 22   •  info@ostraka.nl